Drie herten in Nationaal Park De Hoge Veluwe.
Nationaal Park De Hoge Veluwe © Jurjen Drenth

Wildspottips van een Hoge Veluwe-boswachter

Grote kans dat jij bij de Hoge Veluwe meteen denkt aan moeflons met hun bijzondere gekrulde hoorns of aan edelherten die trots hun indrukwekkende gewei tonen. Veel mensen bezoeken Nationaal Park De Hoge Veluwe dan ook in de hoop daar wilde dieren te zien. Maar hoe pak je dat het beste aan? En waar moet je precies zijn? Met deze wildspottips van boswachter Henk Ruseler* is de kans op het spotten van wild groot.

Naar welke dieren ga jij als boswachter zelf het liefs op zoek in het park?

“Het ree vind ik een mooi, sierlijk dier en de moeflon is natuurlijk heel bijzonder, omdat het Nationale Park De Hoge Veluwe een van de weinige plekken is waar je die kunt zien. Leuk is ook dat moeflons dagactief zijn. Daardoor heb je vaker de kans om ze tegen te komen in het Park. Het zijn wilde schapen die graag op open vlaktes, zoals heidevelden en voormalige stuifzanden, hun voedsel zoeken. Die voorkeur voor vlaktes maakt dat ze veel beter te zien zijn dan herten of zwijnen, die willen zich nog wel eens in het bos verstoppen. Het is prachtig om een grote kudde moeflons te zien lopen op het Oud-Reemsterzand. De dieren leven in een groep van 50 tot 100 stuks en als echte zwervers gebruiken ze een groot gebied. Maar driekwart van het jaar vind je het merendeel van de populatie op de uitgestrekte vlakten van het Oud-Reemsterzand.”

Moeflons in Nationaal Park De Hoge Veluwe

Nationaal Park De Hoge Veluwe © Jurjen Drenth

Wanneer kun je het beste naar De Hoge Veluwe komen als je dieren wil zien?

“Sowieso in de ochtend en in de avond, dan zijn de dieren het meest actief. Overdag is het vaak drukker in het Park en dan laten ze zich minder zien. Zeker in de zomer bij warm weer, dan zoeken dieren vaak de schaduw op. In namiddag en avond heb je over het algemeen de meeste kans om iets te spotten.

Voor de grote dieren kun je het beste langskomen vanaf eind februari tot en met eind september/half oktober. Dan is het bijna altijd wel raak als je op de juiste plekken bent! Ik kan natuurlijk geen 100 procent garantie geven, het blijven wilde dieren die zelf bepalen of en wanneer ze zich aan ons laten zien. Storm of regen daar hebben ze een hekel aan en blijven dan in de beschutting van het bos.

Vogelliefhebbers plannen hun bezoek het best in het voorjaar en de eerste helft van de zomer. Dan zingen onze vogels volop. Mensen denken vaak dat je ’s morgens vroeg moet komen voor vogelconcerten, maar in de avond hoor je ze ook uit volle borst zingen. Het Deelense Veld is een prachtige plek om vogels te spotten vanwege het gebrek aan bomen. Je kunt de boomvalk dan boven het veld zien jagen en een veld- of boomleeuwerik tegenkomen. Door het jaar heen hebben wij ongeveer 100 verschillende vogelsoorten in het Park. Ruim 70 daarvan broeden hier ook.”

Herten in Nationaal Park De Hoge Veluwe.

National Park De Hoge Veluwe © Jurjen Drenth

En als we zelf de rugstreeppadden willen horen?

“Dan is april de beste tijd, maar in tegenstelling tot de normale pad kun je de rugstreeppadden ook midden in de zomer nog horen. Op een mooie zomerdag of juni of juli sta je ’s avonds soms versteld van de paddenconcerten.

Wie interesse heeft in reptielen kan het beste in het voorjaar en de zomer komen. Een wandeling net na openingstijd is ideaal om slangen, hagedissen of adders te zoeken. Daarvoor moet het wel zonnig zijn, want de koudbloedige dieren laten zich bij regenachtig weer niet zien. Ga op een zonnige dag maar eens heel rustig wandelen door een zandgebied of de heide en houd de randen van het pad goed in de gaten. Daar kan je zomaar een zandhagedis, adder of gladde slang zien zonnebaden. Maar je moet goed opletten, ze schieten snel weer weg.”

Kinderen op nachtexpeditie in Nationaal Park De Hoge Veluwe.
Nationaal Park Hoge Veluwe © Jurjen Drenth

Wat is je advies aan beginnende wildspotters?

“Ga naar een van onze zeven wildobservatieplaatsen, daar maken we dieren spotten heel makkelijk. De observatieplaatsen zijn overdekte schuilhutten op strategische plekken met uitzicht op een wildweide. Millelamel is bijvoorbeeld een mooie, die vind je vlakbij het Centrum.

Aan het einde van de dag lopen veel dieren op de wildweide bij de wildobservatieplekken, je hebt niet eens een verrekijker nodig. Ze wandelen dan van de rustige, afgelegen gebieden waar ze overdag staan naar de weides toe, want het gras daar werkt als een magneet. Dat komt doordat we de bodem speciaal bemesten, waardoor het gras beter smaakt voor de reeën en herten. Zo zorgen we dat ze op deze plekken blijven terugkomen.

Daarnaast kunnen mensen op pad met de natuurgidsen. De vrijwillige natuurgidsen van de Hoge Veluwe organiseren verschillende natuurwandelingen, sommige vertrekken direct na opening van het Park zodat de kans op het zien van wild groot is. Ook organiseren zij in het voorjaar en zomer wandelexcursies naar exclusieve wildobservaties. Bekijk de agenda voor alle activiteiten die in het Park worden georganiseerd.”

Kunnen we ook zelf op zoek gaan naar wild in het Park?

“Jazeker! Dat is hartstikke leuk om te doen, spannend zelfs. Je hebt daarvoor wel enige terreinkennis nodig en het is handig als je iets weet van diersporen. Aan de hand daarvan kun je zien of je in een gebied bent waar zwijnen of edelherten komen.

Ga in de namiddag of avond eens een wandeling maken door een bosgebied waarvan je weet dat er edelherten zitten. Let erop dat je op de paden blijft en altijd tegen de wind inloopt, zodat ze je niet kunnen ruiken. Daarnaast is het verstandig om gedekte kleding te dragen en heel stil te zijn. Alle dieren – edelherten, wilde zwijnen, vossen en dassen – hebben een supergoed gehoor, als je teveel lawaai maakt zijn die razendsnel weg.

Een verrekijker is handig wanneer je op pad gaat, want je moet de omgeving continu afspeuren terwijl je wandelt. Alle dieren hebben goede schutkleuren, en je moet voorkomen dat een hert of ree jou eerder ziet dan jij hem. Blijf eens stilstaan op een pad en tuur het bos voor je af, dan kun je zo’n dier veel beter zien.

De tip die ik altijd aan mensen geef is dat je veel beter ergens rustig kunt gaan zitten dan steeds maar te blijven lopen. Ga in een gebied waar je diersporen hebt gezien eens tegen een boom zitten met een mooi zichtveld voor je. Het wild komt aan het eind van de middag sowieso in beweging. Als je blijft lopen is de kans natuurlijk kleiner dat je ze tegenkomt.

Blijf eens rustig een half uur zitten op een kruising van paden of aan de rand van een open vlakte. Wanneer een dier dan het pad oversteekt of de vlakte op wandelt, dan zie je het zeker. Een strategische plek opzoeken en wachten, dat is de truc! Daarmee heb ik zelf met groepen ook de beste ervaring.

Het is hartstikke leuk als je oog in oog komt te staan met een hert of ree, dat is de kroon op de wandeling, de kers op de taart. Maar ik zeg altijd: vergeet niet om ook van de prachtige landschappen te genieten, want anders mis je een hoop.”.

Wild bij zonsondergang in Nationaal Park De Hoge Veluwe

Nationaal Park De Hoge Veluwe © Jurjen Drenth

TIP: Thuis wildspotten

Bij één van de wildobservatieplaatsen in het Park is een wildcam opgesteld. Vanuit je luie stoel kun je via deze camera al de wilde bewoners van De Hoge Veluwe live spotten. Is er toevallig geen wild te zien? Je kunt tot 12 uur terugkijken!

* We spraken er in 2020 over met boswachter Henk Ruseler, die begin 2024 helaas overleden is.

Ook interessant